MENU
  • Home
  • Actueel
    • Nieuws
  • Inhoud
    • Laatste nummer
    • Archief
    • Rubrieken
    • Artikelen
    • De Praktijk
    • Onderzoek gesignaleerd
    • Reflecties
    • Discussie
    • Professie en Persoon
    • Congressen
    • Boeken (en zo)
  • Auteurs
    • Overzicht auteurs
    • Auteursrichtlijnen
    • Artikel indienen
    • Gebruik van artikelen
  • Abonnementen
    • Abonnement aanvragen
    • Proefabonnement
    • Voorwaarden en wijzigingen
  • Over Systeemtherapie
    • Redactie
    • Adverteren
    • Open Access
    • Links
    • Contact
Inloggen

Registreren
Inhoud
Inhoudsopgave jaargang 38 (2026) / nummer 3
PDF  

Gehechtheid kun je leren – Praktijkboek Attachment Based Care voor teams

Remy Meesters
8 september 2026

Samenvatting

Ilse Devacht (2025). LannooCampus. 224 pp., € 29,99
ISBN 9789020943498

Sinds ik als vader van jonge kinderen de EFT en ABFT Level 1-opleiding volgde, is werk en privé meer verbonden dan ooit. Thuis zie ik dagelijks wat oprechte aandacht doet en ervaar ik de kracht van het nemen van verantwoordelijkheid en het herstellen van de missers die je als ouder onvermijdelijk maakt. En sinds ik meer werk vanuit een gehechtheidsgericht kader, ben ik nog meer onder de indruk van de veerkracht die gezinsleden kunnen tonen.

Op de behandelgroepen van Sterk Huis, een organisatie voor gezins- en jeugdhulp, zie ik collega’s hard werken om als team aan te sluiten bij wat kinderen, jongeren en gezinnen van hen vragen. Bij het openslaan van dit praktijkboek hoop ik dat het beschreven kader deze teams houvast kan bieden. Het boek focust namelijk expliciet op de vraag hoe hulpverleners gehechtheid gezamenlijk, als team, kunnen helpen ontwikkelen.

Hoewel er al veel geschreven is over ABFT, richt Devacht zich in dit werkboek op ‘Attachment Based Care voor Teams’. Ze beschrijft een visie en opleidingskader waarmee zorgteams het vertrouwen van kinderen en jongeren in de hulpverlening kunnen opbouwen, versterken en herstellen. Vanuit de gehechtheidstheorie en inzichten in leerprocessen worden teams doorheen het boek begeleid in hun zorg aan cliënten en in het onder de loep nemen van de eigen teamwerking. Het kader van ABFT krijgt daarbij een plaats binnen een bredere en-en-benadering, waarin gezinstherapie en teamgericht werken elkaar aanvullen.

Het boek geeft antwoord op de vraag hoe het team de betrokken kinderen en jongeren kan ondersteunen in hun verlangen naar verbinding, autonomie en competentie. De zelfdeterminatietheorie (Deci & Ryan, 2000), waarin deze psychologische basisbehoeften centraal staan, loopt als een rode draad door het boek. In deel 1 wordt benadrukt dat mensen kunnen leren om zich beter te hechten aan anderen, zo ook gekwetste en kwetsbare kinderen. Deze kans tot ontwikkeling is precies wat aanspreekt. Als systeemtherapeut zie ik het als mijn opdracht te blijven zoeken naar mogelijkheden, naar passende hoop. In plaats van te verblijven in het ‘land van problemen’, verken ik graag met gezinnen het ‘land van perspectieven’, waarna zij de reis vervolgen zonder mij. De eerder statische indeling in vier hechtingsstijlen (Ainsworth et al., 1978) heeft mij altijd tegengestaan.

Devacht zet hier een groeimodel naast: de leergeschiedenis als ‘ijsbergpuzzel’. Wanneer we naar een gezin kijken, zien we als professionals slechts het topje van de ijsberg. Ze moedigt aan om via kennis en gerichte observaties puzzelstukken te vergaren en deze te beschrijven in een leergeschiedenis of gehechtheidsnarratief, zodat iemands gedrag beter begrepen kan worden. Ze geeft daarbij concrete handvatten voor observatie en een ‘let op jezelfvragenset’. Dit zijn instrumenten die teamleden houvast bieden bij het inschatten van de impact van trauma’s op het leven van de betrokkenen.

Ze maakt daarbij onderscheid tussen ‘grote-T-’ en ‘kleine-t-trauma’s. Grote-T-trauma’s zijn gebeurtenissen die ernstig, levensbedreigend of buitengewoon schokkend zijn. Kleine-t-trauma’s zijn emotioneel verontrustende gebeurtenissen die, hoewel ze minder ernstig of levensbedreigend lijken, een significante negatieve impact kunnen hebben op een individu. Volgens Devacht leert onderzoek ons dat het niet zozeer de grote-T’s zijn, zoals misbruik en mishandeling, die de gehechtheidsrelatie bepalen, maar wel de kleinet’s, zoals het geven van schuldinductie, gevoelens van afwijzing, zich niet begrepen voelen. Professionals, door Devacht consequent aangeduid als ‘zorgdragers’, kunnen de neiging hebben kinderen en jongeren te beschermen en zaken niet erger te maken. Maar om erkenning te geven aan de impact van ingrijpende leerervaringen zijn grote woorden nodig. Om te verbinden met emoties als boosheid en walging, kunnen woorden als ‘verschrikkelijk’, ‘gruwelijk’ en ‘afgrijselijk’ helpend zijn.

Het boek is doorspekt met handige tools en mantra’s. Ook voor emotiecoaching aan kwetsbare kinderen en jongeren biedt Devacht een stappenplan dat de professional houvast geeft. De kern is dat emoties er mogen zijn, dat kinderen het verdienen dat er iemand luistert, erkent en betekenis geeft. Na een uitleg over informatieverwerkingsprocessen, wordt stilgestaan bij kinderen met een onzeker basisscript, een innerlijk werkmodel waarin relaties niet vanzelfsprekend veilig of betrouwbaar aanvoelen. Deze kinderen hebben al op jonge leeftijd een gebrek aan vertrouwen in de beschikbaarheid van zorg ontwikkeld. Zij hebben de neiging om onveilige zorginteracties uit te lokken of te versterken, waardoor kind en zorgdrager met elkaar verstrikt raken in een onzekere cyclus. Zowel de zorgdrager als het kind heeft bepaalde noden rond zorg. Het kind heeft nood om zorg te krijgen, de zorgdrager heeft nood om zorg te bieden. Wanneer kinderen hebben geleerd dat er geen zorg komt op hun zorgnood, dan regeert de enorme kracht van scripts en de neiging van het menselijk brein om de eigen voorspellingen te willen bevestigen. ‘Simpel gezegd: liever zeker weten dat hulp niet beschikbaar is, zoals je verwacht, dan onzeker afwachten of je nood gezien zal worden’ (p. 79).

In deel 2 wordt de focus verlegd naar het teamwerk. Devacht spreekt over pedagogisch medewerkers en sociotherapeuten als ‘tijdelijke gehechtheidsfiguren’ en noemt de werkrelatie met het kind een ‘transitionele gehechtheidsrelatie’. In deze relatie is niet het tot stand brengen van de relatie tussen het kind en de professional het doel, wel het herstellen van de relatie tussen het kind en de hechtingsfiguren. Voor professionals geldt: uiteindelijk staat jouw relatie met het kind ten dienste van de relaties die het kind al had voordat het in contact kwam met jou. Zij benadrukt het belang van het steeds ondertitelen van je rol als passant. Devacht rijkt zinnetjes aan die daarbij kunnen helpen, zoals: ‘Je kunt me beschouwen als oefenfamilie die je helpt trainen en oefenen, zodat je het daarna met je ouders kunt doen’, en: ‘Als je dit met mij kunt doen, zul je dit hierbuiten opnieuw kunnen met mensen in je eigen leven’ (p. 110).

Essentieel voor een veilig relationeel leerklimaat voor kinderen en jongeren zijn structuur, verwachtingen hooghouden, steun en warmte. Aan de welbekende ‘cirkels van invloed en betrokkenheid’ van Stephen Covey (1989) voegt Devacht een binnenste cirkel toe: de comfortzone. Daarbinnen vallen de zaken die wij kunnen uitvoeren zonder er veel moeite voor te hoeven doen. Blijven hangen in de comfortzone leidt echter niet tot groei en ontwikkeling.

Tot slot richt Devacht zich op het vergroten van de veiligheid in teams. Daarbij benadrukt ze dat een goed team niet vrij is van meningsverschillen of conflicten. Integendeel, het vermogen om van mening te verschillen zonder de verbinding met elkaar te verliezen kan de relaties juist versterken. In sommige teams worden conflicten angstvallig vermeden en heerst er een kunstmatige harmonie, waardoor waardevolle input verloren gaat. Ook voor professionals zijn structuur, (rol)verwachtingen, steun en warmte nodig om te komen tot een veilig relationeel werkklimaat. Ze eindigt het boek met het aanreiken van twee intervisiemodellen die houvast bieden bij het vormgeven van intervisie op casus- en op teamniveau.

Van begin tot eind biedt dit boek een leidraad voor teams die zich richten op het bevorderen van gehechtheid. Devacht neemt de lezer mee in alle facetten van het ingewikkelde teamwerk en vertelt niet alleen wat er te doen staat, maar ook hoe een team dit kan bereiken. Dit alles maakt het tot een praktisch, compleet en werkzaam boek voor teams. Ik heb het met veel plezier gelezen en verwacht het boek er regelmatig nog eens bij te nemen.

Referenties

  • Ainsworth, M.D.S., Blehar, M.C., Waters, E., & Wall, S. (1978). Patterns of attachment – a psychological study of the strange situation. Erlbaum.
  • Covey, S.R. (1989). The 7 habits of highly effective people – Powerful lessons in personal change. Free Press.
  • Deci, E.L., & Ryan, R.M. (2000). The ‘what’ and ‘why’ of goal pursuits – Human needs and the self-determination of behavior. Psychological Inquiry, 11, 227-268.
Vorige Inhoudsopgave Volgende
Twitter Facebook Linkedin
Delen Print PDF

© 2009-2026 Uitgeverij Boom Amsterdam
ISSN 0924-3631


De artikelen uit de (online)tijdschriften van Uitgeverij Boom zijn auteursrechtelijk beschermd. U kunt er natuurlijk uit citeren (voorzien van een bronvermelding) maar voor reproductie in welke vorm dan ook moet toestemming aan de uitgever worden gevraagd:


Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch door fotokopieën, opnamen of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikelen 16h t/m 16m Auteurswet 1912 jo. Besluit van 27 november 2002, Stb 575, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoeding te voldoen aan de Stichting Reprorecht te Hoofddorp (postbus 3060, 2130 KB, www.reprorecht.nl) of contact op te nemen met de uitgever voor het treffen van een rechtstreekse regeling in de zin van art. 16l, vijfde lid, Auteurswet 1912. Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16, Auteurswet 1912) kan men zich wenden tot de Stichting PRO (Stichting Publicatie- en Reproductierechten, postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp, www.cedar.nl/pro).

No part of this book may be reproduced in any way whatsoever without the written permission of the publisher.

Jaargang 38, nr. 3, september 2026

Neem een ABONNEMENT Laatste editie Archief

Nieuwsbrief Boom Psychologie

Meld u nu aan en ontvang maandelijks de Boom Psychologie nieuwsbrief met aantrekkelijke aanbiedingen en de nieuwe uitgaven.

Aanmelden

Boeken

De JIM-aanpak
Levi van Dam, Sylvia Verhulst
€ 19,95
Meer informatie
Handboek suicidaal gedrag bij jongeren
Jan Meerdinkveldboom, Ineke Rood, Ad Kerkhof
€ 26,95
Meer informatie
Verbonden
Amir Levine, Rachel Heller
€ 19,95
Meer informatie

Privacy policy

Algemene voorwaarden

© 2009-2026
Boom uitgevers Amsterdam

Redactieadres

Systeemtherapie

Foke van Bentum

WG-plein 209

1054 SE Amsterdam
telefoon: (020) 612 30 78

redactie@nvrg.nl

Klantenservice

Boom uitgevers Amsterdam B.V.

Postbus 15970

1001 NL Amsterdam

Nederland

(088) 0301000 

klantenservice@boom.nl